Sectoren

Afdrukken
Aanvankelijk investeerde BIO enkel in intermediaire en regionale of lokale structuren (banken, investeringsfondsen, etc....) die op hun beurt financiering verstrekken aan kmo's en aan microfinancieringsinstellingen.

Deze indirecte investeringen zorgden er op die manier voor dat de risico's beperkt werden en dat er gebruik gemaakt kon worden van de ervaring van meer geroutineerde instellingen.

In 2004 werd de opdracht uitgebreid met het rechtstreeks steunen van lokale kmo's om het tekortschieten van de commerciële banken - die in het algemeen niet echt happig zijn om hun activiteiten te financieren - op te vangen.

In 2010, ten slotte, vertrekkend vanuit de vaststelling dat de economische actoren niet alleen nood hebben aan financiële middelen om hun activiteit te ontwikkelen maar ook aan een degelijke infrastructuur, werd de actieradius van BIO uitgebreid met private infrastructuurprojecten.

Vandaag richt de sectorstrategie van BIO zich op drie domeinen:

1.Financiële sector

BIO financiert microfinancieringsinstellingen, commerciële banken, niet-bancaire financiële instellingen, investeringsfondsen en investeringsmaatschappijen. De bedoeling van deze investeringen is de mogelijkheid te creëren voor lokale ondernemingen om financiering op lange termijn te bekomen.

Download PDF

2.Ondernemingen

BIO is bevoegd om rechtstreeks te investeren in lokale kmo's en grotere bedrijven met een lokale verankering, met speciale aandacht voor de voedingsmiddelensector, met andere woorden alles wat de voedingslandbouw, de exportteelt, de veeteelt en de voedselverwerkende industrie betreft.

BIO verleent overigens extra aandacht aan het toegankelijk maken van de financiële basisdiensten voor micro-ondernemingen en kmo's (leningen, sparen, verzekeringen).

Download PDF

3.Infrastructuurprojecten

BIO verleent steun aan private projecten of via publiek-private partnerschappen, met speciale aandacht voor energie- en watervoorziening, telecommunicatie of transportinfrastructuur, waarbij het voornaamste doel het ondersteunen van de lokale privésector is.

Download PDF

Deze tussenkomsten hebben drie essentiële doelstellingen:

  • Een optimale ontwikkelingsimpact genereren (vanuit kwalitatief en kwantitatief standpunt)
  • Duurzame projecten ondersteunen
  • Aanvullend zijn (daar bemiddelen waar de nood het hoogst is) ten opzichte van de lokale markt en de andere DFIs.
Terug